Home

AED 4 Life Cursussen Agenda Contact

HART

INFARCT
GASPEN
AED
OVERLEVINGSKANS
STABIELE ZIJLIGING
FILMPJES
 

 

Door op de hartje te klikken ziet u een animatie met ventrikelfibrilleren dat door middel van een bifasische shock verholpen wordt.

 

Automatische externe defibrillatoren

Bij de AED´s wordt gebruik gemaakt van zelfklevende elektrode. De gebruiker houdt dus de handen vrij tijdens de defibrillatie, wat veiliger is voor de hulpverleners. De zelfklevende elektroden bedekken bovendien een groter oppervlak dan de traditionele paddels, waardoor de toegediende shock efficiënter zal zijn.

Deze elektroden zorgen en voor het elektrocardiogram (ECG) en voor de toediening van de shock. Sommige toestellen genereren een computerstem om de reanimatie richtlijnen te bekrachtigen.

Indien ventriculaire fibrillatie - of enkele types van ventriculaire tachycardie - herkend worden door het toestel, zal het zichzelf opladen tot een vooraf

gedetermineerde waarde en aangeven aan de gebruiker wanneer de shock mag worden toegediend. Meestal is in een dergelijk toestel de optie voorzien om het volkomen manueel te bedienen.

Soorten AED´s

Algemeen kunnen we de automatische externe defibrillatoren indelen in volledig automatische en semi-automatische defibrillatoren.

 Bij de volledig automatische toestellen zal de gebruiker enkel de elektroden aansluiten op de thorax van het slachtoffer en een actieknop indrukken. Het toestel analyseert het hartritme en bepaalt of ee ventriculaire fibrillatie aanwezig is. In dit geval laadt het toestel zichzelf op en dient het automatisch de shock toe.

Bij de semi-automatische defibrillator moet de gebruiker meer tussenkomen. De hulpverlener bevestigd het toestel met de patiënt op de normale wijze, drukt op de aan knop hiermee start de analyse van het hartritme. Een computerstem zal de melding geven of een shock noodzakelijk is. De gebruiker drukt vervolgens op de shock toets om de shock te laten toedienen.

Ingestelde energie

De ingestelde energie van een automatische defibrillator is bepaald om met de laagst mogelijke energie toch een efficiënte shock te kunnen toedienen. Is deze energie te beperkt, dan zal de ritmestoornis niet beëindigd worden.

AED aanzetten

Schakel het toestel aan door op de aan/uit-knop te drukken of open het scherm. Door het aanschakelen van het toestel start men ook de spraakgestuurde richtlijnen, welke de hulpverlener verder doorheen de te nemen stappen loodst.

Elektroden bevestigen

Open de elektroden en breng ze aan op de huid van de borstkas van het slachtoffer. Bij sommige toestellen zijn de paddels en de elektroden reeds bevestigd met het toestel, in andere modellen moet de gebruiker dat zelf doen.

Men plaatst de ene elektrode rechts boven op de thorax, naast het borstbeen en onder het sleutelbeen. De andere elektrode wordt gepositioneerd naast de linker tepel. De correcte positie van de elektroden wordt vaak aangegeven op het toestel of weergegeven op de elektroden zelf. Net voor het aanleggen van de elektroden dien je de hartmassage te onderbreken.

Is het slachtoffer uitgesproken nat, droog dan eerst de thorax met een handdoek of een kledingsstuk. Op een behaarde thorax kleven de haartjes wel eens aan de elektroden, wat een goed contact tussen de elektroden en de huid verhindert en de transthoracale weerstand vergroot. Men kan dit probleem verhelpen door de paddels stevig aan te drukken op de thorax of te scheren.

Analyse van het hartritme

Geef een duidelijke melding aan de omstanders en de overige hulpverleners om het slachtoffer los te laten en verzeker u ervan dat niemand het slachtoffer nog aanraakt. Zorg er eveneens voor dat het slachtoffer niet meer wordt bewogen om analysefouten te voorkomen.

Bij sommige toestellen drukt de gebruiker op een "ANALYZE"-toets om de analyse van het hartritme te starten. Andere toestellen starten automatisch deze analyse van het ogenblik dat de paddels zijn aangebracht op de thorax. De analyse van het ritme duurt vijf tot vijftien seconden, afhankelijk van het type toestel. Ontdekt het toestel een ventrikelfibrillatie, dat zal dit worden aangekondigd door middel van een boodschap op het scherm, een visueel of auditief alarm of een stemgestuurde boodschap welke meldt dat een shock wordt aangeraden.

Laat het slachtoffer los en druk op de "SHOCK"-toets

Voordat men de shock toedient moet men nogmaals nagaan of niemand het slachtoffer aanraakt. Laat steeds luid merken dat men het slachtoffer moet loslaten, door eenvoudige commando´s zoals "LOS" te roepen. Op datzelfde ogenblik moet de gebruiker er zich visueel van vverzekeren dat inderdaad iedereen het slachtoffer los laat.

De meeste toestellen laden zichzelf op eens een ventrikelfibrillatie is ontdekt. Een geluidstoon, een gesproken boodschap of een controlelampje geeft aanduiding dat het toestel zich oplaadt. Men mag pas een shock toedienen indien niemand nog fysiek contact heeft met het slachtoffer.

De shock zal een plotse contractie van de spieren van het slachtoffer veroorzaken.

Na de defibrillatie

Na het uitvoeren van boven vermeld actie kunnen zich verschillende situaties voordoen:

Indien na de toegediende shock nog geen tekenen van circulatie aanwezig, start men gedurende 2 minuten de reanimatie. Na deze 2 minuten zullen de meeste toestellen opnieuw het advies geven om het ritme te analyseren. Blijft de ventrikelfibrillatie aanwezig, geef dan nogmaals de opdracht tot shocken, weer gevolgd door 2 minuten reanimatie.

Tussen de verschillende shocks mag men geen tijd verliezen door te zoeken naar tekenen van circulatie. Dit zou immers tijdverlies zijn bij het analyseren van het ritme en het snel defibrilleren.

Indien er wel tekenen zijn van circulatie, controleer de ademhaling. Ademt het slachtoffer wel leg hem of haar in stabiele zijligging.

De automatische defibrilator blijft echter de hele periode aangesloten en in stand-by! keert de ventrikelfibrillatie terug, dan zal het toesten de hulpverlenen hierop alert maken en wordt de procedure opnieuw gestart.